Nederlands A1.4: Cijfers en tellen - herhalingsoefeningen
Deze oefeningen kunnen samen met de docent worden gedaan om de les te beginnen.
Deze oefeningen herhalen de laatste 5 lessen en kunnen aan het begin van de les of als huiswerk worden gedaan ter voorbereiding van de les.
Oefening 1: Grammatica herhalingsoefening (laatste 4 lessen)
Instructie: Vul het juiste woord in.
Hij, een, het, brieven, Wij
Oefening 2: Vertaal en gebruik in een zin
Instructie: Kies een woord, vertaal het en gebruik het woord in een zin of dialoog.
1
Het meisje
Het meisje
2
Tot morgen
Tot morgen
3
Hebben
Hebben
4
Zweden
Zweden
5
De meneer
De meneer
Oefening 3: Werkwoordsvervoeging
Instructie: Kies het juiste werkwoord en de juiste tijd.
heb, komen, zegt, zeggen, bent
Oefening 4: Vertaal en maak zinnen
Instructie: Vertaal de woorden en zinnen hieronder.