Woordenschat (10) Delen Gekopieerd!
Gespreksoefening Delen Gekopieerd!
- Zeg wat je in de tuin kunt zien. (Zeg wat je in de tuin kunt zien.)
- Wat heb je wel en niet in je tuin? (Wat heb je wel en niet in je tuin?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Voorbeeldzinnen:
Er zijn paarse bloemen in de tuin. Er zijn paarse bloemen in de tuin. |
Er staat ook een grote gele boom. Er staat ook een grote gele boom. |
Ik heb wat gele en roze bloemen in mijn tuin. Ik heb wat gele en roze bloemen in mijn tuin. |
Ik heb een schommel in mijn tuin voor mijn kinderen. Ik heb een schommel in mijn tuin voor mijn kinderen. |
Ik heb geen cactussen in mijn tuin. Ik heb geen cactussen in mijn tuin. |
Ik water mijn planten elke 3 dagen. Ik water mijn planten elke 3 dagen. |
... |
Oefeningen Delen Gekopieerd!
Deze oefeningen kunnen tijdens conversatielessen samen gedaan worden of als huiswerk.
Oefening 1: Vertaal en gebruik in een zin
Instructie: Kies een woord, vertaal het en gebruik het woord in een zin of dialoog.
1
De boom
De boom
2
De bloem
De bloem
3
De steen
De steen
4
Zaaien
Zaaien
5
De aarde
De aarde
Aanvullend leermateriaal Delen Gekopieerd!
Bijlage 1: Uitgebreide vocabulaire tabel Delen Gekopieerd!
Kernwoordenschat (10): Werkwoorden: 2, Zelfstandige naamwoorden: 8,
Nederlands | Nederlands |
---|---|
De aarde | De aarde |
De bloem | De bloem |
De boom | De boom |
De plant | De plant |
De steen | De steen |
De tuinman | De tuinman |
Het blad | Het blad |
Het zaad | Het zaad |
Sproeien | Sproeien |
Zaaien | Zaaien |
Zie je geen vooruitgang als je alleen studeert? Bestudeer dit materiaal met een gecertificeerde docent!
Wil je vandaag Nederlands oefenen? Dat kan! Neem vandaag nog contact op met een van onze docenten.